
Franz Schreker
Complete Songs for voice and piano (vol.1)
CCS 12098
Verkrijgbaar bij CHANNEL CLASSICS
Ofelia Sala sopraan
Anne Buter mezzosopraan
Jochen Kupfer bariton
Reinild Mees piano

Franz Schreker (1878-1934) was de meest uitgevoerde operacomponist van zijn generatie. Zijn controversiële werken domineerden het Midden-Europese repertoire in de jaren na de Eerste Wereldoorlog en oefenden een grote invloed uit op jongere tijdgenoten als Alban Berg, Kurt Weill en Ernst Krenek. Als kunstenaar balanceerde hij tussen de bedwelmende laatromantiek van het Weense fin-de-siècle en de sobere ‘Nieuwe Zakelijkheid’ van het Berlijn van de Weimarse Republiek. Hij beleefde een razendsnelle opkomst naar roem en een even plotselinge val uit de gratie waarin politieke intriges hun rol speelden. Zijn muziek werd door de Nazi’s als ‘entartet’ bestempeld en verboden en hij werd ontslagen als rector van de Musikhochschule in Berlijn. In 1934 stierf de componist als een gebroken man. Daarna werd Schrekers muziek een vergeten hoofdstuk in de geschiedenis van de nieuwe muziek, maar sinds enkele jaren begint deze gelukkig weer te herleven.
Bekijk hier het booklet
Lees hier de reviews
Luister hier naar de Complete Songs vol. 1
Of luister naar deze selectie:
Die Rosen und der Flieder (Jugendlieder No. 1) Sommerfäden (2 Gesänge Op. 2 No. 1)
O Glocken, böse Glocken (5 Lieder aus den Mutterliedern No. 1) Durch die Fenster zitternd sacht (5 Lieder aus den Mutterliedern No. 5)
Die Liebe als Recensentin (5 Lieder Op. 4 No. 4) Lenzzauber (5 Lieder Op. 4 No. 5)

Franz Schreker
Complete Songs for voice and piano (vol.2)
CCS 14398
Verkrijgbaar bij CHANNEL CLASSICS
Sibylle Ehlert sopraan
Anne Buter mezzosopraan
Jochen Kupfer bariton
Reinild Mees piano
Bekijk hier het booklet
Lees hier de reviews
Luister hier naar de Complete Songs vol. 2
Of luister naar deze selectie:
Noch dasselbe Keimen (3 Lieder von Vincenz Zusner No. 2)
Vernichtet ist mein Lebensglück (3 Lieder von Vincenz Zusner No. 3)
Überwunden (Jugendlieder No. 6)
Entführung (Lieder aus der Reifezeit No. 3)
Das feurige Männlein (Lieder aus der Reifezeit No. 4)
Dies aber kann mein Sehnen nimmer fassen (5 Gesänge No. 2)
Die Dunkelheit sinkt schwer wie Blei (5 Gesänge No. 3)
Hoewel Schrekers liederen een bescheiden rol spelen in zijn oeuvre (vergeleken bij zijn opera’s en zijn orkestwerken), documenteren zij niettemin elk stadium van zijn stilistische ontwikkeling en bevatten ze enkele van zijn mooiste muziekwerken. In zijn vroege liederen – geschreven voordat de componist 22 jaar oud was – vind je al die karakteristieke mengeling van naïviteit, romantisch idealisme en tragische ironie die ook te vinden is in de libretto’s die hij voor zijn opera’s schreef. Dit ideaal geldt zeker voor de relatie tussen tekst en muziek in Schrekers Fünf Gesänge für tiefe Stimme (1909) op gedichten uit de Arabische Nacht en van de Weense dichteres Edith Ronsperger. De vijf gedichten vormen een cyclus die beweegt van verlangen naar een geliefde, naar vervreemding, wanhoop, nostalgische herinnering en uiteindelijk naar dood en bevrijding. Schreker schreef deze liederen in dezelfde tijd dat hij werd geïntroduceerd in de kring van Arnold Schönberg. Die nodigde Schreker uit om ze te spelen voor zijn studenten (waaronder Alban Berg) en zorgde ervoor dat de cyclus werd opgenomen in een concert met nieuwe Oostenrijkse muziek. In 1922 publiceerde Hans Reisiger een tweedelige verzameling werken van Walt Whitman, waaronder een prachtig gevoelige vertaling van Leaves of Grass. Schreker zette twee van de teksten in 1923 op muziek als Zwei Lyrische Gesänge, de orkestratie volgde een paar jaar later onder de titel Vom ewigen Leben. Deze cyclus behoort zonder meer tot de meesterwerken van de 20ˢᵗᵉ-eeuwse liedliteratuur.